Wednesday, April 21, 2010

malaria, malaria en malaria...

Wasuze otyano!


Daar ben ik weer eens, weg van teruggeweest...
















Alweer ruim twee weken dat ik hier ben, in een ziekenhuis in het plaatsje Mateete, een hardcore Ugandees dorpje...Electriciteit is er soms, water is er soms en armoede is er overal en altijd. In het dorp valt precies helemaal niks te beleven...Behalve non-stop “Baaaaai, mzuuuunguuuu!!” te horen en achtervolgd te worden door een horde Afrikaanse kinderen en jongens op brommers...


Na een dagje op zijn Afrikaans rondsjokken door de hoofdstad Kampala, waar zelfs de hoofdstraat niet geasfalteerd is, ging ik naar het ziekenhuis.

Het begon meteen goed want “We were expecting a boy!! Hester is a man’s name!!”. Zegt de dokter die zelf Elly heet. Uiteraard was dit genoeg reden voor hilariteit alom, en nu nóg dagelijks, want grappen verjaren hier blijkbaar niet.

Het ziekenhuis heeft zo’n zeventig “bedden”, verdeeld over 3 afdelingen; kinderen, mannen en vrouwen. Daarnaast is er nog een tiental losse kamertjes met twee bedden voor de ernstige gevallen. De patienten die te ziek zijn om naar huis te gaan worden opgenomen. Hun familie moet er voor zorgen dat ze te eten krijgen dus zij bivakkeren zo lang ook in de ‘achtertuin’ van het ziekenhuis waar ze koken, de was doen en een beetje rondhangen. Om de dag lopen we ’s ochtends visite over de afdelingen en de rest van de dag doen we de “outpatient clinic” en operaties die tussendoor komen. De OK is, net als in Nederland, steriel. Op zijn Afrikaans dan uiteraard, want staat het in Nederland op de voorpagina van alle kranten wanneer er een fruitvliegje wordt gezien in het OK-complex en de hele OK gesloten wordt, hier vloog tijdens de eerste operatie rustig een vleermuis rond...En de deur naar buiten staat gewoon open, dus met een beetje pech krijg je nog malaria ook terwijl je wordt geopereerd...


Dokter Elly, de enige dokter en oprichter van het ziekenhuis, is ook (hyper)actief in de politiek en heeft inmiddels dondersgoed door hoe en waar je een naieve co-assistent voor kunt inzetten, namelijk voor alles, en ook meteen altijd...Resultaat: al in de middag van mijn eerste dag ging hij ervandoor en zat ik daar, met mijn oenige verpleegkundige en tevens vertaalster, die steevast een antwoord gaf wat in de verste verte niets met mijn vraag te maken had. Oh. Juist. Dus. Lekker dan.

Gelukkig is er Deo, de “medical officer”, een soort nepdokter of opgewaardeerde verpleegkundige, die overal wel een antwoord op weet en zichzelf gelukkig heel graag hoort praten over wat hij allemaal weet, of pretendeert te weten. Verder worden in het ziekenhuis zo’n 90 verpleegkundigen opgeleid (dus meer dan er patienten zijn), maar zij worden op alle afdelingen ingezet; in het lab, op de verloskamers, op de zaal, als OK-assistent, als doktersassistent, loopjongen en als schoonmaakster. Zij slapen in een “compound”, ook in de achtertuin van het ziekenhuis, met zijn 45-en op een kamer en het enige wat ze hebben is een bed. Ze zijn allemaal zo rond de 18, en vinden zo’n mzungu natuurlijk moeilijk interessant, en ieder vrij moment van de dag, zodra ik even in het gras ga zitten, komen ze als bijen op een pot honing op me af en willen de hele tijd met me praten en foto’s laten zien. Inmiddels heb ik bedacht dat ik ze moet inzetten om af en toe met mij het dorp in te gaan omdat dat in mijn eentje als wandelende kermisattractie een stuk minder ontspannend is...















De eerste week was dus behoorlijk heftig; geen tijd om te acclimatiseren maar meteen aan de slag en ’s avonds rond een uur of zes gaat Deo naar huis, en ben ik dus degene die de leiding heeft. In een ziekenhuis waar de gang van zaken mij geheel vreemd was, met ziektes die ik alleen van TV en uit de boeken kende en geen idee had welke medicijnen ze wel en niet hebben en welk onderzoek ik kon aanvragen...Voor de medici onder ons; we kunnen Hb, bloedgroep, bezinking (een soort bankschroef-draaimolen voor reageerbuisjes die je met de hand moet aanzwengelen), bloedsuiker, blood smear (voor malaria), tyfus, bruscella, syfilis, HIV en urineonderzoek doen. In een super oldskool laboratoriumpje met een fanatieke piepkleine labjongen. Geen echo, geen rontgen, CT of MRI. Geen radioactieve laballing of isotopenscan. Behoorlijke uitdaging om met redelijke zekerheid een diagnose en beleid in te stellen. ’s Avonds rond een uur of 10, half 11 komt Elly meestal terug van zijn politieke engagementen en pas tegen die tijd ben ik vrij...Inmiddels twee weken verder, ben ik al redelijk wat gewend en heb ik niet meer de neiging om 112 te bellen of ergens onder een tafel te kruipen als er een driejarig stuiptrekkend, schuimbekkend comateus hummeltje wordt binnengedragen, maar weet ik dat het “gewoon” cerebrale malaria is en geen reden meer voor paniek...


Hoewel ik als globetrotter wel een en ander gewend dacht te zijn, heeft het me deze keer toch behoorlijk wat moeite gekost om te acclimatiseren...en had ik een behoorlijke cultuurschok. Ik was me natuurlijk wel enigszins bewust van het fenomeen armoede, maar om als bijna dokter zo met je neus op de feiten gedrukt te worden, is toch erg confronterend. De eerste week was er geen bloed beschikbaar voor transfusies. Nu hebben kinderen met ernstige malaria vaak nog veel ernstiger bloedarmoede; ze zijn zo slap als een vaatdoek, staren hijgend in het luchtledige en brengen in het beste geval soms nog wat angstig gejammer uit als ze mij zien, een soort spookverschijning met als overtreffende trap ook nog eens een lange witte jas aan. Voor transfusies moesten dus alle kinderen verwezen worden naar het ziekenhuis in het plaatsje verderop, waar ze dan met de taxi naartoe moeten...Dat kost omgerekend ongeveer een euro. De eerste dagen was ik in de veronderstelling dat ik uitermate efficient bezig was terwijl ik aan de lopende band kinderen verwees naar het andere ziekenhuis voor een transfusie, totdat een van de verpleegkundigen me vroeg: “Did you really think they can afford a taxi to take their kids to the other hospital..?!?” Uhm, ja…Eigenlijk wel…

Nou, niet dus. Het kind wordt vaak gewoon mee naar huis genomen, het doodsvonnis ondertekend...

Één euro...!!! Op dat moment voelde ik me toch wel een beetje, uh…Naief. Onnozel. Rijk. Bevoorrecht.


Nog even een paar vermeldenswaardige momenten..;


Het water in het huisje waar ik slaap, komt uit een watertank die al het water opvangt dat van het dak komt als het regent. Het regenseizoen is blijkbaar net zo lui als de meeste Afrikanen, want had zich tot vandaag nog niet laten zien...Daarom was mijn water bijna op, en deed ik dus extra zuinig..Zoals mezelf zes keer wassen met hetzelfde water enzo. Ik vond al dat het water wat uit de kraan druppelde, zo smerig rook, maar dacht dat dat hier wel normaal zou zijn en wilde niet overkomen als een zeurderige naar comfort verlangend luxekonijn...Vandaag was ik benieuwd hoeveel water ik nog zou hebben, dus klom ik omhoog om in de tank te kijken...Om op de bodem, in een klein laagje water dat nog over was, twee grote dode, volledig gedesintegreerde vleermuizen te zien liggen...Tussen de maden en wormen en insecten en God weet wat nog meer...Het water waarmee ik dus met de grootste zorgvuldigheid mijn tanden heb gepoetst en gezicht heb gewassen :-$...


Vorige week werden we geroepen voor een keizersnede. Wij lieten dus de polikliniek voor wat hij was en haastten ons naar de OK. Alles stond helemaal klaar, patient op tafel, instrumenten klaar...Nadat we onze handen gewassen hadden en onze steriele jassen aan hadden gedaan, vroeg Elly aan de verpleegkundigen: “Where are the surgical gloves?”. Ehmmmm...De verpleegkundigen keken elkaar aan. Niemand lijkt zich aangesproken te voelen dus ook niemand geeft antwoord.

Oh. Oeps. Vergeten. In het hele ziekenhuis geen steriele handschoenen meer te bekennen, dus springt de labjongen op zijn brommertje en scheurt als een razende naar het eerstvolgende dorpje om ze te gaan kopen...Vooruitdenken is hier nog niet echt uitgevonden...


Ik heb vandaag voor het eerst een regenbui mee mogen maken...Het leek alsof de zondvloed was begonnen, mijn God wat kan het hier regenen, waaien, donderen en bliksemen. Opeens was het buiten pikdonker. Enthousiast zei ik tegen Elly: “Wow, so these are your famous tropical rainstorms...”. Waarop Elly koeltjes antwoorddde; “You think this is rain? Oh no, wait and see…This is only a little drizzle…”.


Tja, ik kan nog eindeloos doorgaan...Maar dat doe ik natuurlijk niet...Wel nog even mijn adres, waar de verjaardagskaarten vanaf NU naartoe gestuurd mogen worden:


Hester Scheffer

Bamu Hospital

PO Box 30002 Mateete

Sembabule

Uganda


Aan degene die de leukste kaart stuurt (ofwel lay-out, ofwel tekst, ofwel allebei) wordt vanzelfsprekend een Ugandese prijs uitgereikt...! Meer nieuws volgt....


Sula bulungi,

Grote dikke zwarte negerzoen,

Hes


Oja: foto 1 is uiteraard het ziekenhuis, foto 2 is de compound van de verpleegkundigen, foto 3 is de achtertuin van het ziekenhuis en foto 4 is tijdens het "transfusieuurtje"...